Vragen of een afspraak plannen? Stuur ons een bericht via WhatsApp x
Laatst bijgewerkt
7 oktober 2026

Twaalf paar schoenen

Through the Looking-Glass, and What Alice Found There.

Dag twee van de opleiding. Ik had net een demonstratie gedaan waar ik, laten we eerlijk zijn, behoorlijk tevreden over was. Strak gesprek. Juiste vraag op het juiste moment. Een deelnemer die in elf minuten van frons naar inzicht ging. De groep keek alsof ze een goocheltruc hadden gezien. Hebben die kip.

Toen zei ik: jullie beurt en twaalf mensen ontdekten tegelijk hoe interessant hun schoenen waren. Nu keek ik alsof ik een goocheltruc gezien had. En daar was het weer. Het inzicht. Ik had geen raam laten zien. Ik had een schilderij opgehangen. Mooi, ingelijst en volstrekt onbereikbaar en niemand stapt een schilderij in.

Deze blog gaat over vier dingen die je als coach, trainer of docent elke dag in handen hebt, of je het nu weet of niet. Je bent een spiegel. Je bent een raam. Je raakt. Je haakt. De spiegel zegt: ik ben zoals jij. Het raam zegt: kijk eens wat er kan. Raken zegt: dit gaat over jou. Haken zegt: en nu gaan we verder. Wie alleen spiegelt, blijft met de ander in de modder staan. Wie alleen raam is, wijst naar een uitzicht aan de overkant van een ravijn. Wie raakt zonder te haken, laat iemand geraakt en alleen achter. En wie haakt zonder te raken, sleept iemand mee die nooit zelf besloot te lopen. Het vak zit in het samenspel. En dat samenspel leer je nergens. En toch ook wel. Onderweg.

De spiegel: ik zie mezelf in jou

In de verhoorkamer leerde ik iets wat geen handboek me had kunnen leren. Mensen praten niet tegen een functie. Ze praten tegen iemand in wie ze iets van zichzelf terugzien. Zolang ik daar zat als rechercheur, kreeg ik een rechercheursgesprek: kort, defensief, juridisch correct. Zodra ik daar zat als mens, met een eigen geschiedenis en een eigen twijfel, veranderde het gesprek. Niet omdat ik slimmer werd. Omdat ik herkenbaar werd.

Albert Bandura noemde het leren door observatie. We leren niet alleen van wat we zelf doen, maar ook van wat we anderen zien doen. Met een kleine voetnoot die in de praktijk een hoofdstuk is: we leren vooral van modellen die op ons lijken. Dale Schunk liet in de jaren tachtig zien dat leerlingen meer vertrouwen in hun eigen kunnen kregen van een model dat zichtbaar worstelde en het daarna toch redde, dan van een model dat het vanaf de eerste poging foutloos deed. Het coping model wint van het mastery model. De perfecte voorbeeldfiguur is dus geen voorbeeld. Het is een monument. Je kijkt ernaar op, je maakt er een foto van en je loopt door.

Elliot Aronson vond iets verwants. Iemand die aantoonbaar competent is en daarna koffie over zichzelf gooit, wordt sympathieker gevonden dan iemand die alleen maar competent is. Het pratfall-effect. Je fouten zijn geen vlek op je professionaliteit. Ze zijn het handvat waaraan de ander je vastpakt.

En in de wereld van therapie en coaching ligt al decennia een ongemakkelijke waarheid op tafel. Onderzoek naar wat uitkomsten verklaart, denk aan het werk van Bruce Wampold, laat telkens zien dat de werkrelatie zwaarder weegt dan de specifieke techniek. Dat is geen pleidooi tegen methodiek. Het is een pleidooi voor de drager ervan.

Daarom zeggen we in de NLP-coachopleiding: NLP is een prachtige methodiek, maar jij bént het instrument. Een instrument dat niet resoneert, maakt geen muziek. Het maakt geluid. Wie zich niet meer herkent in de mens tegenover zich, en zich niet laat herkennen, wordt een machine. Een goed afgestelde machine misschien, met de juiste vragen in de juiste volgorde. En zo voelt het ook voor de ander: alsof hij door een automaat wordt verwerkt. Spiegelen is dus geen trucje met je lichaamshouding. Het is de bereidheid om iets van jezelf te laten zien dat net zo rommelig is als wat de ander meeneemt.

Het raam: uitzicht zonder ravijn

Een spiegel alleen is gevaarlijk. Een coach die alleen herkenbaar is, wordt een lotgenoot. Gezellig, warm en volstrekt stilstaand. Samen in de modder is ook verbinding, alleen kom je er niet uit.

Dus heb je een raam nodig. Een opening waardoor de ander kan zien wat er mogelijk is op het moment dat hij bereid is een stap te zetten. Lees die zin nog eens. Het raam laat niet zien wat er gebeurt als je wacht tot je er klaar voor bent. Het laat zien wat er gebeurt als je beweegt.

En hier gaat het in mijn werk regelmatig mis. Ook bij mij. Want het is verleidelijk om het uitzicht een beetje op te poetsen. De transformatie iets groter, de doorbraak iets sneller, de oefening iets soepeler dan hij in werkelijkheid ging. Met de beste bedoelingen, we willen inspireren. Wat we bereiken is dat de afstand tussen hier en daar zo groot wordt dat niemand meer durft te springen.

De wetenschap is daar opvallend eensgezind over. Gabriele Oettingen onderzocht jarenlang wat positieve fantasieën met gedrag doen. Haar bevinding is pijnlijk: wie zich de gewenste toekomst vooral in rooskleurige beelden voorstelt, levert gemiddeld minder inspanning en bereikt minder. Het brein proeft de beloning alvast en ziet daarna minder reden om ervoor te werken. Wat wel werkt, noemde ze mental contrasting. Het gewenste beeld naast de obstakels van nu leggen. Uitzicht en vloer tegelijk. Een superster inspireert alleen als zijn succes voor de kijker haalbaar voelt. Voelt het te ver weg, dan werkt datzelfde rolmodel ontmoedigend. Hetzelfde raam, een tegenovergesteld effect. Het hangt af van hoe ver de overkant lijkt.

Lev Vygotsky had er een mooie term voor: de zone van naaste ontwikkeling. Het gebied net buiten wat iemand alleen kan, maar binnen wat hij met hulp kan. Daar wordt geleerd. Ervoor is het te makkelijk, erna is het te ver. Een goed raam kijkt precies uit op die zone. Niet op de bergtop. Op de volgende richel.

Terug naar dag twee. Ik had het raam zo breed gemaakt dat het geen raam meer was. Het was een vergezicht. De volgende training deed ik het anders. Ik liet een gesprek zien dat halverwege vastliep. Ik zei hardop wat ik dacht toen het misging. Ik herstelde het, matig. En ik zei: zo ziet het eruit als het goed genoeg gaat. Binnen een minuut stonden er drie mensen op.

Raken

Spiegel en raam zorgen dat iemand jou ziet en verder kijkt. Maar kijken is nog niet hetzelfde als daadwerkelijk bewegen. Er zijn genoeg deelnemers die twee dagen knikkend in een zaal zitten, alles herkennen, alles mooi vinden en maandagochtend precies hetzelfde doen als vrijdag. Ze zijn bereikt. Ze zijn niet geraakt.

Raken is niet aaien. Het is ook niet slaan. Het is het moment waarop wat jij zegt of vraagt niet meer over een onderwerp gaat, maar over de persoon zelf. Een zin die landt. Een stilte die je niet opvult. Een vraag die iemand drie dagen later onder de douche nog hoort.

Dat is geen poëzie, dat is biologie. James McGaugh liet in decennia onderzoek zien dat emotionele activatie het vastleggen van herinneringen versterkt. De amygdala geeft het geheugen als het ware een seintje: dit doet ertoe. Daarnaast leert het brein vooral van voorspellingsfouten, van het verschil tussen wat je verwachtte en wat er gebeurde. In een ander onderzoek dag de onderzoeker dopaminecellen precies daar reageren. Wat iemand al wist, glijdt eraf. Wat iemand net niet zag aankomen, blijft hangen. Raken is dus geen extraatje voor liefhebbers van drama. Het is de voorwaarde voor onthouden.

Het meest precieze gereedschap om te raken is een vraag. Niet de slimste, de juiste. Een vraag op het verkeerde moment is een verhoor. Dezelfde vraag op het goede moment is een uitnodiging. Wie twintig jaar vragen heeft gesteld aan mensen die liever niets zeiden, weet dat het verschil zelden in de formulering zit en bijna altijd in de timing. En in de spiegel die eraan voorafging. Je mag pas raken op een plek waar de ander zich eerst door jou gezien heeft gevoeld. Impact is geen volume. Het is precisie.

Haken

Geraakt worden zonder dat iemand je opvangt is geen leren. Het is schrikken. Elke trainer kent de deelnemer die na een sterk moment stilletjes dichtklapt, de pauze in loopt en daarna vooral heel beleefd is. Er is geraakt, maar niet gehaakt.

Het Nederlands heeft er een prachtig sluitinkje voor: haak en oog. Een haak houdt niets vast zonder een oog om in te grijpen. Dat oog zit aan de kant van de ander, en jij kunt het niet voor hem maken. Je kunt alleen zorgen dat het er mag zijn. Dat oog is de ervaring dat hij gezien wordt. Daar is de spiegel weer.

Edward Deci en Richard Ryan beschreven in hun zelfdeterminatietheorie drie basisbehoeften die bepalen of mensen zich van binnenuit aan iets verbinden: autonomie, competentie en verbondenheid en ik schreef er al eerder over. Lees ze nu eens als gebruiksaanwijzing voor haken. Autonomie: de ander zet de stap zelf, jij trekt niet. Competentie: de stap past bij wat hij kan, het raam kijkt uit op de volgende richel. Verbondenheid: hij doet het niet alleen. Laat er één liggen en je haak schiet los.

Haken vraagt ook dat je op het juiste niveau werkt. Wie worstelt met wie hij is, heb je niets te bieden met een tip over wat hij morgen anders kan doen. Wie gewoon een handigheidje mist, hoeft niet met zijn identiteit op de bank. Coaches praten graag over diepgang. Diepgang op het verkeerde niveau is gewoon ook mis. De haak moet hangen op de hoogte waar de ander hem kan pakken.

En dan het belangrijkste. Mensen haken niet aan omdat ze overtuigd zijn. Niet omdat de methode klopt, niet omdat het programma het voorschrijft. Ze haken aan bij wat hen heeft geraakt. Eerst raken, dan haken. Andersom heet het overhalen. Haken is vasthouden zonder vast te zetten: iemand meenemen van waar hij staat naar waar hij kan staan, in passen die hij zelf kan zetten.

Je bent het instrument, dus speel

Spiegel, raam, raken, haken. Geen van de vier staat in je methodiekboek. Ze zitten in jou.

Kijk naar wat een trainer, docent of coach in zijn opleiding meekrijgt. Modellen, kaders, competentieprofielen, toetsmatrijzen, protocollen. Allemaal nuttig, allemaal over het wat. Bijna niets over het instrument dat dat wat moet overbrengen. We leren mensen een vleugel beschrijven en vragen ons daarna af waarom er geen muziek uitkomt.

Ik zie het keer op keer. Mensen die een methodiek technisch foutloos beheersen en toch niemand in beweging krijgen. Ze bespelen de methode in plaats van zichzelf. Ze vertrouwen op het model zoals een beginnende pianist op de bladmuziek: elke noot klopt, en niemand in de zaal voelt iets.

Als jij het instrument bent, ben je ook verantwoordelijk voor hoe het klinkt. Stemmen, onderhouden, oefenen. Je spiegel schoonhouden, zodat je niet je eigen verhaal ziet in dat van een ander. Je raam eerlijk houden, ook als een opgepoetst uitzicht beter verkoopt. Weten wanneer je raakt, en net zo goed wanneer niet. En een haak bieden die er is voor de ander, niet voor je eigen gevoel van succes.

Want dat is de toets voor alle vier: ten dienste en ten gunste van de ander. Een spiegel om er zelf goed uit te zien is ijdelheid. Een raam om je eigen uitzicht te tonen is etalage. Raken om indruk te maken is theater. En haken om iemand aan je te binden heeft een andere naam, en die hoort niet in dit vak. Of je nu in een trainingsruimte staat, voor een klas, in een coachgesprek of tegenover iemand tijdens een inspectie: de inhoud bepaalt wat je zegt. Het instrument bepaalt of het aankomt.

Glas

Glas is een vreemd materiaal. Met een dun laagje erachter wordt het een spiegel. Zonder dat laagje wordt het een raam. Hetzelfde materiaal, een flinterdun verschil, een totaal ander effect.

Zo werkt het bij jou ook. Het ene moment laat je zien wie je bent, met alles wat nog niet af is, zodat de ander denkt: hij dus ook. Het volgende moment haal je dat laagje weg en laat je zien wat erachter ligt, zodat de ander denkt: dat kan dus. Dan raak je, en de ander voelt: dit gaat over mij. En dan reik je de haak aan, en de ander kiest: ik doe mee.

Spiegel en raam zijn glas. Raken en haken zijn handwerk. Het eerste laat zien, het tweede brengt in beweging. Het vak is weten welk moment wanneer komt.

En misschien merk je, terwijl je dit leest, dat je al weet welke van de vier jij te vaak gebruikt. En welke je eigenlijk nooit oefent. De meeste trainers die ik ken zijn een prachtig raam en een beroerde spiegel. Ze raken graag en vergeten te haken. Begrijpelijk. Alleen kijkt de deelnemer dan naar jouw uitzicht, onthoudt hij jouw moment en gaat hij maandag alleen naar huis.

Dus de volgende keer dat het stil wordt als je zegt dat ze mogen oefenen, kijk dan niet naar de groep. Kijk naar je glas. En naar je handen. Grote kans dat je zojuist een schilderij hebt opgehangen.

Van denken naar doen, van wens naar waardigheid. Het begint ermee dat de ander zich in jou herkent. Het eindigt ermee dat hij zichzelf voorbij jou ziet.

Gerelateerde artikelen
Wil jij alles weten over 'Leren en trainerschap'?
Lees verder

87 reviews over CapitalHEROES

Bekijk reviews

Wat een ontdekkingsreis is dit geweest

Afgelopen week heb ik de NLP Practitioner opleiding bij CapitalHEROES afgerond. Wat een ontdekkingsreis is dit geweest. Kevin en Cindy maken leren niet alleen makkelijk, maar vooral ontzettend leuk. Met hun unieke stijl, aanstekelijke humor, inspirerende verhalen en interactieve opdrachten brengen zij de theorie écht tot leven. Alles voelt praktisch, licht en tegelijkertijd diepgaand….waardoor het bijna vanzelf gaat.
Deze opleiding voelde voor mij als een ontdekkingstocht naar een nieuwe versie van mezelf. Vanaf dag één wist ik…dit is wat ik wil, dit is waar ik mee verder wil! Zo tof, dat ik heb besloten om door te gaan met de Master én de Coachopleiding.

CapitalHEROES heeft mijn verwachtingen in alle opzichten overtroffen enne als je erover nadenkt om deze toffe opleiding ook te gaan volgen? Niet twijfelen maar gewoon doen. Daar krijg je geen spijt van!

Johanna Werdekker - Lees alle ervaringen